“Het doet me wel wat”: maritieme legende van Oostmahorn moet nu zelf gered worden
OOSTMAHORN – Hij droeg bij aan de redding van 332 mensen: motorreddingsboot de Insulinde. Zij voer vanaf Oostmahorn en groeide uit tot een icoon in nautische kringen. Maar nu heeft de Insulinde restauratie nodig.
Vol bewondering en trots kijkt Willem Wilstra naar het schip. Hij heeft z’n fototoestel in de aanslag. Wilstra was een tijdlang stuurman op de Insulinde. “Dat was een bijzondere tijd, want ik was eerst fulltime zeeman”, vertelt hij. “Mijn vrouw en dochter woonden in Drachten, op de wal. Dan begrijp je het wel: als je maanden van huis bent, begint het toch wel te kriebelen, hè?”
En dus reageerde Wilstra op een advertentie in de krant: ‘Stuurman gevraagd op de reddingsboot Insulinde te Oostmahorn’. Wilstra werd – in tweede instantie – aangenomen. “Ik ben als stuurman begonnen, later ben ik schipper geworden.”
Tekst loopt door onder video
De Insulinde was tussen 1927 en 1965 actief bij Oostmahorn, op de plek van het huidige Lauwersmeer. Intussen ligt het schip bij het Nationaal Reddingmuseum Dorus Rijkers in Den Helder. Vorig jaar deed het schip mee aan Sail, maar op de terugreis bleek dat de Insulinde allerlei kuren heeft en opgeknapt moet worden.
Het is een hele operatie, want veel onderdelen moeten worden aangepakt: van de buitenkant tot de motor.
De beroemde reddingsboot viert volgend jaar haar 100-jarig jubileum. Om de boot dan goed voor de dag te krijgen, is er een crowdfundactie opgezet. Het doet Wilstra goed dat het schip gerestaureerd wordt. De Insulinde is namelijk van historische waarde: het is de eerste reddingsboot ter wereld die zichzelf kon rechtzetten als hij omsloeg. Dat was een maritieme doorbraak. De boot had een revolutionair ontwerp en vormde de basis voor decennia van Nederlandse reddingsboten.
Door haar prestaties groeide de boot uit tot een varende legende. Na zijn actieve dienst op het reddingsstation van Oostmahorn kwam de Insulinde in museumbezit.
Noorse schipper gered
Wilstra heeft er bijzondere momenten mee beleefd. “In februari 1965 was het zwaar stormachtig. Boven Schiermonnikoog kwam een Noors schip in de problemen. Er waren nog twee mensen aan boord: de kapitein en de machinist.” “Die wilden er in eerste instantie niet af”, vervolgt Wilstra. “Maar door de zeegang konden we wel zien dat het niet goed kwam en op een gegeven moment waren ze met de zaklantaarn aan het schijnen, toen moesten we komen en hebben we ze eraf gehaald. Even daarna is het schip ook gezonken.” Toen Wilstra stuurman werd op de Insulinde, was hij 24 jaar. “Een broekje”, zegt hij zelf.
Inmiddels is hij 85 jaar en is hij nog steeds erg blij met het schip. “Het doet me wel wat. Ik vind het mooi”, vertelt Wilstra als de boot een scheepswerf in Den Helder binnenvaart.
Geld binnenhalen
Om de Insulinde helemaal op te knappen, is veel geld nodig. Het gaat om meerdere tonnen. Nog niet al het geld is binnen, daarom hebben Wilstra en een clubje anderen een actie opgezet. “We hopen dat dit schip dan nog wel 50 jaar mee kan als visitekaartje van het museum.” Al het werk moet halverwege volgend jaar klaar zijn.
Stuur je tip, video of foto's naar:
0511-441202 of nieuws@rtvnof.nl.