Trekvogel trekt niet meer: lepelaar Nala overwintert voor het eerst op Schiermonnikoog

vr. 19 december · 11:332025 · 11:33 · Omrop Fryslân

SCHIERMONNIKOOG – Twee jonge lepelaars proberen iets dat waarschijnlijk nog geen enkele lepelaar is gelukt: overwinteren op het oostelijke Wad, zo schrijft Omrop Fryslân. Maar hoe overleven ze daar? We gaan op onderzoek uit.

Omrop Fryslân, Remco de Vries

De GPS-zendertjes op hun rug verraden dat Nala op Schiermonnikoog zit en Artemisia op het Duitse Waddeneiland Borkum. Beide zijn deze zomer op Schiermonnikoog geboren.

Het is koud op de maandagochtend aan de rand van de Kobbeduinen op Schiermonnikoog. Boswachter ecologie Erik Jansen van Natuurmonumenten heeft handschoenen aan, een muts op en zijn verrekijker in de aanslag.

Moeilijke zoektocht

We gaan op zoek naar Nala in de Oosterkwelder om te zien hoe deze lepelaar de winter doorkomt. De kans op succes lijkt klein, want de kwelder is heel groot en wij willen de vogel absoluut niet verstoren; Nala heeft alle energie nu hard nodig.

“Het is een heel open landschap waar we hier staan en er is weinig dekking”, zegt Jansen. “De lepelaars zien ons ook van verre aankomen. Dus we moeten ook echt goed kijken of we niet te dichtbij komen. Misschien kunnen we ons ergens achter een duintje verschuilen.”

Tekst loopt door onder de tekst

Wij zijn nog maar net onderweg als Jansen “lepelaar” roept. Hij heeft de verrekijker al voor zijn ogen en later op de videocamera is ook duidelijk te zien dat het om een lepelaar gaat.

Een jonge lepelaar, maar te ver weg om de antenne van het zendertje of de ringen om de poot te zien. Maar het kan bijna niet missen dat dit Nala is.

Unieke waarneming

“Ik geloof niet dat ik ooit eerder in december een lepelaar heb gezien”, zegt de boswachter. Wel eens in februari, maar die was waarschijnlijk vroeg terug en had hier dus niet overwinterd.

“We stonden gewoon even te kijken en op een gegeven moment zag ik een stipje in de verte. Ik zette de verrekijker erop en dat bleek een lepelaar te zijn. Misschien was het Nala wel. Die kwam mooi aanvliegen en vloog mooi voor ons langs en hierachter ergens in een slenk is ze neergekomen.|”

“Daar zit ze nu naar voedsel te zoeken”, vertelt Jansen over deze unieke waarneming.

Om ons heen zijn veel ganzen. Wat verder opvalt, is dat de kwelder heel nat is met zo nu en dan grote plassen water.

Daar profiteert Nala van, zo maakt Jansen duidelijk: “Die gezenderde lepelaar zit steeds in die plassen op de kwelder. Hier zal ongetwijfeld wat zitten. Anders was ze ook al lang dood geweest.”

Waarom vliegen er eigenlijk lepelaars om met zendertjes?

De lepelaars hebben kleine gps-zendertjes op om ze te kunnen volgen op de vogeltrek, maar ook in hun dagelijks leven eromheen.

Er vliegen ook grutto’s, rosse grutto’s, kanoeten, drieteenstrandlopers en rotganzen met zendertjes om als onderdeel van het project Waakvogels met het Leeuwarder onderzoeksinstituut Birdeyes als projectleider.

Het moet onder andere kennis opleveren voor een beter beheer van de natuur op het Wad.

“Wat er waarschijnlijk wel in zit, zijn brakwater grondeltjes; van die kleine visjes. Misschien ook wel stekelbaartjes en ook nog wel wat garnalen. Ze kan hier in ieder geval nog haar kosten bij elkaar scharrelen.”

“Maar als het ineens tien graden gaat vriezen en dit soort plasjes bevriezen helemaal, dan zijn ook die visjes en garnalen dood. Dan heeft ze niks meer”, legt Jansen uit.

Nog nooit zoveel lepelaars

Deze waarneming staat niet op zichzelf. Hij past in een trend die onderzoeker Wouter Vansteelant van het Leeuwarder onderzoeksinstituut Birdeyes al langer ziet.

Birdeyes is verantwoordelijk voor het zenderen en volgen van deze vogels. “Het komt steeds vaker voor dat lepelaars in de winter in Nederland blijven. Maar we hebben er nog nooit zoveel tegelijkertijd in Nederland gehad in de winter”, zegt Vansteelant.

“Het gaat om acht vogels op dit moment van een in totaal tachtigtal gezenderde lepelaars. Dus een tien procent van deze gezenderde vogels blijft in Nederland”, zo legt de onderzoeker uit.

Maar Nala is in bijzonder geval, want “Nala is haar hele leven nog maar nauwelijks van Schiermonnikoog af geweest.”

Meer lepelaars op het Wad

Het zou zomaar zo kunnen zijn dat ze op dit moment de twee noordelijkste lepelaars van de wereld zijn. Al is er natuurlijk een kans dat er ook andere lepelaars zonder een zendertje rondvliegen.

Het is in elk geval zeker dat zij niet de enigen zijn op het Wad. Want Hija, die ook in 2025 is geboren op Schiermonnikoog, zit op dit moment op Texel.

Sil van Terschelling zat daar ook, maar is nu het vasteland van Noord-Holland in gedoken. Ook zij hebben een zendertje zodat ze te volgen zijn op de site van Global Flyway.

Vansteelant: “Je ziet ook dat Nala zich echt gedraagt als een kweldervogel. Normaal gesproken gaan de lepelaars in het voorjaar en de zomer constant van de kwelder het Wad op. De mannetjes zelfs tot en met het Lauwersmeer om voedsel te zoeken.”

“Het lijkt er dus op dat lepelaars die in de winter in het Waddengebied verblijven op het Wad eigenlijk bitter weinig te zoeken hebben en hun kostje in de kweldergeulen bij elkaar scharrelen.”

Gevolg van klimaatverandering

“We kijken hier naar een rechtstreeks gevolg van klimaatverandering”, legt Vansteelant uit. “Lange tijd zaten de lepelaars die ’s winters in Nederland verbleven vooral in de Zeeuwse delta. Nog steeds zitten daar vier van de acht vogels. Het is uitzonderlijk om ze in de winter in het Waddengebied te zien.”

Dat was vorig jaar voor het eerst, toen was er één lepelaar met een zendertje op het Wad. “Dit jaar dus vier. Ons langetermijnonderzoek stelt ons in staat om vinger aan de pols te houden.”

Het zijn ook met name jonge vogels, zegt Vansteelant: “Dat is wat we weten uit het onderzoek: de kolonisatie van Nederland als overwinteringsgebied wordt vooral gedreven door de jonge vogels die niet meer wegtrekken en hun kans hier in Nederland wagen.”

Mildere winters

“En omdat het klimaat steeds milder wordt, is de kans dat zo’n jonge vogel het overleeft ook steeds groter. We denken dat het op die manier gaat door klimaatopwarming.”

“Waarschijnlijk zijn er altijd wel jonge lepelaars geweest die in het noorden bleven hangen. Maar toen er nog strenge winters waren, overleefden die vogels dat niet.”

“De winters worden steeds milder en daardoor overleven ze het wel. Ze vestigen mettertijd een overwinterende populatie in Nederland”, sluit Vansteelant af.

Heb jij nieuws of een opmerking? Stuur de redactie een WhatsApp.
Stuur je tip, video of foto's naar:
0511-441202 of nieuws@rtvnof.nl.